Ik heb inmiddels 8.138 woorden en zo’n 41 pagina’s. Ben zo op eenderde gok ik. Het groeit gestaag. Als een breiwerkje komt er steeds een lapje tekst aan. Ik werk bewust klein. In korte stukjes. Omdat ik nauwkeurig wil zijn. Ik mag geen gaten laten vallen. Dit zijn de eerste steken van het verhaal (die ik overigens altijd weer uit kan halen):
Het was een warme dag, de geur van vers bloed met vislucht van het kooksel, deed Aleida steun zoeken tegen de deurpost. Door de ogen van een varken bezag ze de andere kant van het vlees. Vader trok haar de bijkeuken in en duwde haar bovenop de opengesperde spleet van de vetgemeste zeug. Naast de achterdeur krijste de geketende beer van Molière als een mager speenvarken aan de ring in de muur. Vader beende naar buiten, tilde de staart op en wees naar wat daar onder hing: ‘Dat gaat stokstijf in de zeug en daar krijgt ze kinders van!’ Zonder er nog een woord aan vuil te maken liep hij weer naar binnen en goot een ketel kokend water uit over het levenloze dier om zwijgend met een schraapijzer de haren van het vel te krabben.


Recente reacties