Vanavond keek ik naar de tv-film: One night Stand: Den Helder, een korte film van Jorien van Nes.
Het drama speelt zich af in de stad waar ik de eerste zesentwintig jaar van mijn leven heb doorgebracht en die ik nu alleen nog aandoe voor familiebezoek. In de making of kun je het naargeestige dat aan Den Helder kleeft, goed proeven.
Toch heb ik er een goede jeugd gehad, ik ben dan wel geboren in een volksbuurt (Ruyterstraat) maar zo rond mijn vijfde jaar verhuisde ons gezin naar een betere buurt (Ambonstraat). Ondanks het unieke van Den Helder zoals het kunnen uitwijken naar de duinen, het strand en de zee, het mooie zicht op de Lange Jaap (die mijn opa eens van nieuwe rode verf voorzag), de groene dijk waaraan maar geen einde lijkt te komen en het feit dat de stad de meeste zonuren heeft, ben ik blij er niet meer te wonen. Dat komt vanwege het gevoel dat in die stad nooit iets van de grond kan komen. Dat zit hem in de mentaliteit en in de kille tochthoeken waar de wind vrij spel heeft. Die sfeer komt in deze film prachtig naar voren. De hoofdrolspelers hebben echte Helderse koppen, terwijl ze niet Helders zijn. Goed gecast.
De film won een gouden kalf. Terecht. Erg herkenbaar voor een Jutter.

Recente reacties