Archief voor december 2008

Niets mooier dan…

donkere-wolk

Niets mooier dan de supermarkt na kerst. Restanten kerstkransjes, verpieterde boompjes en belegen ballen, ik raak direct in een feeststemming; de blijdschap van het vooruitzicht op een normale dag. Nog maar twee dagen te gaan, dan is december gedaan en de eerste dag van het nieuwe jaar ook achter de rug.

Van de week bleef ik hangen bij een film over Mozes (The Ten Commandments). Dat kwam omdat ik inviel bij de Egyptenaren en wilde zien of de strijdwagens in de film goede replica’s waren van de originele. Op history channel zag ik eerder een interessant item over wapens uit de geschiedenis; enorme katapulten, stenen kogels, magnifieke bogen, vermeende onderwatergrijpers om schepen bij de haven te doen zinken en zo ook de strijdwagens van de Egyptenaren. De wagens in de film oogden identiek en toen wilde ik nog meepikken hoe het water van de zee zich zou splijten en voordat ik er erg in had, keek ik de hele film uit.

foto-541

Ieder zijn geloof en ieder zijn God maar ik wond me steeds meer op om wat er allemaal goedgepraat werd onder het mom van ‘Gods wil’ en liep af en toe naar de keuken omdat het me te bloederig werd of omdat ik het stenigen niet langer kon aanschouwen, ik schold op de acteur die voor Mozes speelde toen die met een paar halen van zijn zwaard de andersdenkenden van de groep -inclusief kinderen- naar de andere wereld hielp.

juk2

En het duurt maar voort…

Ik wens maar één feestdag in het jaar, die dag kan nog niet gevierd worden want die valt nog niet te vieren: De dag waarop de mensheid het inzicht krijgt dat ze het eigen geweten hebben te raadplegen zonder zich te verschuilen achter wat voor God dan ook. En op die dag trakteren we elkaar op boterhammen met tevredenheid, daar hoef je ook niet zo lang voor in de keuken te staan. Deal? Of heeft u liever olie(domme)bollen? Bommen? Raketten? Een kogelregen? Neen, een smetteloos witte kerst hebben wij al in geen tijden meer gehad.

Mozes en de Exodus

Met-voorbedachten-rade

voordringen

Ik sta in de apotheek voor een nieuwe insulinepen. Gisteren sprong er een palletje uit mijn oude pen waardoor ik niet meer op haar kan vertrouwen, ik spuit nu met de reservepen maar omdat de kunststof insulinepennen (ik begon ooit met solide metalen pennen) ontzettend gammel gefabriceerd zijn (sorry jongens),  is een tweede pen op voorraad geen overbodige luxe.

Uiteraard is het wat druk in de apotheek zo vlak voor de kerst, doch langer dan een minuut of tien hoef je er zelden te wachten. Je wordt er altijd vriendelijk en vlot geholpen. Na mij komt er een rustige man binnen die zijn voeten op de mat verankert en met de handen in zijn zakken een prettige kalmte uitstraalt. Hij wordt op de voet gevolgd door een druk vrouwtje, dat me gelijk aanklampt en vraagt of ik de laatste ben. Ik knik naar de man naast mij en zeg haar dat hij dat is.

Opdringerig houdt ze een geel busje omhoog dat ik herken als een naaldcontainer voor gebruikte injectie naaldjes. ‘Ik hoef alleen maar dit in te leveren,’ zegt ze. ‘Nou,’ antwoord ik, ‘dan zet u hem op een hoekje van de toonbank en gaat u weer.’
 ‘Nou nee, want ik moet ook een nieuwe hebben en straks denken de andere mensen daar nog wat van. Maar om drie uur heb ik een afspraak bij de huisarts’ (de huisartsenpost is naast de apotheek gelegen).

Het is tien over half drie. Ik zeg haar dat je hier nooit langer dan tien minuten hoeft te wachten en dat ze anders ook eerst naar de huisarts kan gaan om op de terugweg de apotheek te bezoeken. Maar ze blijft naast me staan springen en tetteren over haast hebben en vertelt me en passant dat ze eveneens medicijnen op komt halen maar die liggen al klaar. O, denk ik, je komt helemaal niet alleen gebruikte naaldjes inleveren maar gewoon net als iedereen voor een recept.

Ondertussen ben ik aan de beurt. Ik wijs op de voordringer-met-voorbedachten-rade naast me en zeg luid en duidelijk: ‘Helpt u deze mevrouw maar eerst, die doet  zo zenuwachtig.’ Ineens krabbelt ze terug. ‘Nee, nee, dat hoeft ook weer niet.’ Ik geef de man naast me, die nog geen spier heeft vertrokken maar wiens  pretogen achter zijn bril glimmen, een knipoog en stuur haar onverbiddelijk naar de toonbank: ‘Als u er zo *om vraagt, zult u het krijgen ook.’  Het is kwart voor drie.

*om zeurt, zanikt, zeikt, klaagt tot vervelens aan toe

“Kerstgedachte”

tovenaar

‘Mam, hoe kan het dat er mensen zijn die geloven dat God de wereld in zes dagen heeft geschapen?’

‘Ik denk niet dat de meeste mensen dat nu nog letterlijk zo geloven. Het is meer een soort van mythe, eens bedacht om het onbegrijpelijke, zoals het hoe en waarom van het ontstaan van de wereld, te verklaren. Veel volkeren hebben zo hun eigen scheppingsverhaal.’

‘Nou, er zijn mensen die dat echt geloven.’

‘Zelf vind ik dat een beetje ongeloofwaardig, om God als een tovenaar te zien die in een paar dagen zoiets gecompliceerds als de aarde heeft geschapen met alles d’r op en d’r aan. Dat moet toch een geleidelijk proces zijn geweest.’

De heer des huizes komt aangelopen en hoort ons zo aan in de keuken. ‘Waar hebben jullie het in Godsnaam over?’

Zoon draait zich om en zegt: ‘We hebben het over de onzin van het Christendom.’

Ik schiet in de lach: ‘Dat is nog eens een uitgesproken kerstgedachte!’

Het mysterie van de verdwenen bordelen

picture-116

Pas nu wil ik een non-fictie boek over het onderwerp van mijn novelle-in-wording lezen en heb daarom een tweedehands boek over de prostitutie in Nederland in de negentiende eeuw besteld: Het mysterie van de verdwenen bordelen: Martin Bossenbroek & Jan H. Kompagnie.

Waarom niet eerder? 

Eerst moest ik de verhaallijn uitzetten met de bijbehorende emoties, een teveel aan feitelijke informatie zou dat in de weg zitten. Een eerste versie schrijf ik van binnenuit  zonder gehinderd te worden door een overdaad aan voeding van buitenaf. Onmisbare informatie voor het geloofwaardig neerzetten van de tijdsgeest heb ik in kleine stukken nagezocht. Nu wil ik bekijken of hetgeen ik opgeschreven heb ook plaats gevonden zou kunnen hebben.

Als u mij zoekt: Mijn donkere dagen voor kerst breng ik door in de verdwenen bordelen van de negentiende eeuw.

RTV Alkmaar

Op woensdag 3 december ben ik te horen over Het wachthuis in het radioprogramma LOL van RTV Alkmaar in samenwerking met de bibliotheek Alkmaar.

Het valt te beluisteren tussen 14.00-15.00 via de ether FM 105.3 of via de kabel FM 103.3.

Luister live: RTV