
De dag van het gedicht lijkt me een geschikt moment om de onlangs (oktober 2008) bij het Poëziecentrum verschenen dichtbundel laat[avond]taal van David Troch te belichten.
David (Bonheiden 1977) ontmoette ik tijdens een voordrachtbijeenkomst in Haarlem en sindsdien (we konden nog niet poken maar gaven met een ouderwetse krabbel ons webadres door) houden we elkaar op de hoogte van onze publicaties en schrijfsores.
Ik was erg benieuwd naar de bundel omdat David een sterke voordrachtskunstenaar is. Hoe zouden zijn gedichten spreken op het witte papier zonder ondersteuning van zijn spreekritme, intonatie en warme Vlaamse tongval?
Wat direct opviel: David doet niet aan hoofdletters. Bij de eerste gedichten moest ik daardoor lichtelijk inkomen maar na verloop van tijd kreeg ik door dat juist dat een eenheid vormt met zijn poëzie. Hoofdletters zouden misschien afremmen.
Het is alsof je, je even op mag houden in de wereld die David beschrijft zonder moeilijke obstakels te hoeven nemen en daar ook weer zo vandaan kunt gaan. Je stapt zonder moeite in een scherpe observatie, een liefdevol miniatuur of voelt een klein porretje in de zij omdat de dichter je het onwezenlijke van het alledaagse wil laten zien.
David blijft dicht op de huid. Soms zelfs letterlijk zoals in zijn gedicht bedacht voor een oude dag, dat ik eerder al eens, los van de bundel, onder ogen kreeg. Nu nadat ik de hele bundel gelezen heb, blijf ik het een prachtige observatie vinden. De eerste strofe luidt:
1. ouderdomsoefening
als ik baad, oefent mijn huid op
ouderdom, elke vingertop, elke
rimpel spoort oude dagen aan om
Nieuwsgierig naar het gehele gedicht? Of nog beter, al de gedichten? De fraaie sober vormgegeven bundel is te bestellen bij het Poëziecentrum: laat[avond]taal

leuk!